Wat is een warmtenet (of stadsverwarming) en hoe werkt het?

kat op radiator

Een warmtenet, ook bekend als stadsverwarming, is een netwerk van leidingen onder de grond waar warm water doorheen stroomt. Met een warmtenet kunnen woningen worden verwarmd. Er is dan geen cv-ketel en geen aardgas (meer) nodig. De verwachting is dat veel woningen in Nederland in de toekomst verwarmd worden met een warmtenet. Maar wat houdt dit in en wat ga je er thuis van merken?

Op deze pagina:

Wat is een warmtenet?

Je kunt een warmtenet vergelijken met een grote cv-installatie, waarop de huizen in een buurt of wijk aangesloten zijn. In de omgeving staat ergens een warmtecentrale die samenwerkt met een warmtebron, waarmee hij water opwarmt. Het warme water stroomt via buizen de wijk in, naar de woningen. 

In iedere woning hangt een installatie (afleverset) met een warmtewisselaar. Die verdeelt de warmte over de verwarming en warm water. Afgekoeld water loopt vanaf je huis weer terug naar de centrale warmtebron.

Momenteel is zo’n 6 procent van de woningen in Nederland al aangesloten op een warmtenet. In de toekomst schat de overheid dat dit zo’n 30 procent is.

De warmtebron waarop een warmtenet is aangesloten, kan verschillen. Denk aan restwarmte uit de industrie, aardwarmte, rivieren of plassen, en biomassa. Daarover lees je verder op deze pagina meer.

Warmtenet vs. cv-ketel

Als je woning is aangesloten op een warmtenet, heb je geen cv-ketel meer nodig. Je radiatoren of vloerverwarming kun je meestal behouden.

In het dagelijks leven merken de meeste mensen amper verschil tussen aangesloten zijn op een warmtenet en zelf stoken met een cv-ketel. Je kunt nog steeds zelf de temperatuur van je verwarming en de douche instellen.

Als je ook elektrisch kookt, heb je met een warmtenet geen aardgasaansluiting (meer) nodig.
 

Wat verandert er in huis als je wordt aangesloten op een warmtenet?

  • Een warmwaterleiding wordt aangelegd (ingegraven) van de straat naar je voordeur. Deze verbindt je woning aan het warmtenet.
  • In huis wordt een kleine installatie opgehangen (dit heet een warmte-afleverset) in plaats van de cv-ketel. Die zorgt ervoor dat warm water naar de radiatoren en kranen stroomt.
  • In de afleverset zit een meter die registreert hoeveel warmte je afneemt.
  • Radiatoren of vloerverwarming kun je meestal gewoon behouden.
  • Je gasaansluiting wordt verwijderd door de netbeheerder.
  • Je betaalt geen vastrechtkosten meer voor je gasaansluiting.
  • Voor de aansluiting op het warmtenet betaal je wel een vast bedrag per jaar aan het warmtebedrijf dat het warmtenet beheert. 
  • Het kan nodig zijn om je huis extra te isoleren. Dit hangt af van de temperatuur van het warmtenet en hoe goed de woning al geïsoleerd is.

afleverset warmtenet
Warmte-afleverset (nog niet aangesloten). Deze vervangt je cv-ketel.

Voor- en nadelen van een warmtenet

Voordelen:

  • Een warmtenet is gemakkelijk in gebruik en het onderhoud wordt voor je geregeld.
  • De investering in een aansluiting op een warmtenet is vaak lager dan de investering in een warmtepomp.
  • Je wordt ontzorgd. Een warmtenet is een collectieve oplossing die je niet zelf hoeft te organiseren.
  • De afleverset die je in huis krijgt, is kleiner dan een cv-ketel en veel kleiner dan een warmtepomp. Hij maakt bijna geen geluid.
  • Een warmtenet is een bewezen techniek. Zo'n 500.000 huishoudens in Nederland worden er al jaren mee verwarmd.

Nadelen: 

  • Aansluiten op een warmtenet kan alleen als er in jouw buurt een net wordt aangelegd. Je kunt niet zomaar in je ééntje overstappen.
  • Je kunt niet wisselen van warmteleverancier. Wel kun je er altijd voor kiezen om je te laten afkoppelen van het warmtenet en je huis op een andere manier te verwarmen.
  • Bij een warmtenet is je energierekening waarschijnlijk hoger dan bij een warmtepomp. Maar de hoogte zou vergelijkbaar moeten zijn met het gebruik van een cv-ketel.
  • Om over te stappen zijn aanpassingen in huis nodig. Dat varieert van kleine aanpassingen aan leidingwerk tot extra isolatie en nieuwe radiatoren.

Warmtebronnen voor een warmtenet

Een warmtenet is altijd aangesloten op een of meerdere warmtebronnen. Dit kunnen verschillende typen bronnen zijn. We bespreken ze hieronder:

Restwarmte

Bij veel industriële processen, zoals in elektriciteitscentrales of afvalverwerkingsbedrijven, komt restwarmte vrij. Die kan gebruikt worden voor een warmtenet.

In veel stedelijke gebieden met stadsverwarming wordt al gebruik gemaakt van restwarmte. Er is nog veel onbenutte restwarmte die ingezet kan worden voor warmtenetten.

Oppervlakte- of afvalwater

Ook uit oppervlaktewater van rivieren en plassen, en afvalwater van het riool kunnen we warmte winnen. Zelfs als de temperatuur van de bron maar 10 graden is.  

Biomassa

De warmte van warmtenetten komt soms uit biomassa. Er worden dan houtsnippers verbrand, en met de warmte die vrijkomt wordt water verwarmd.

Geothermie (aardwarmte)

Geothermie of aardwarmte is warmte die uit de grond wordt gewonnen. Uit aardlagen op een kilometer diep wordt warm grondwater omhoog gepompt waarmee een warmtenet gevoed kan worden. Geothermie wordt al gebruikt om kassen te verwarmen in de glastuinbouw.

Zonnewarmte met PVT-panelen

PVT-panelen zijn speciale zonnepanelen die naast stroom ook warmte maken als bron voor een warmtepomp. Ze halen hun warmte uit de buitenlucht. De warmte die in de zomer wordt gewonnen is grotendeels niet direct nodig, en kan dan ondergronds worden opgeslagen in een Warmte Koude Opslag (WKO). In het stookseizoen wordt de warmte weer uit de grond gehaald en via een warmtenet naar huizen gebracht.

Zijn warmtenetten de toekomst?

Het is de bedoeling dat in 2050 alle woningen in Nederland aardgasvrij zijn. En een warmtenet is een van de manieren om huizen zonder aardgas te verwarmen.

Het voordeel van een warmtenet is dat er hele straten en wijken in een keer mee van het aardgas af kunnen. In veel situaties is dat goedkoper dan per woning een eigen oplossing te kiezen, zoals een warmtepomp. Vooral wanneer de woningdichtheid van een buurt hoog is en er een bruikbare warmtebron in de buurt, lig een warmtenet voor de hand.

Er wordt geschat dat voor ongeveer een derde van Nederland een warmtenet het meest betaalbare alternatief voor aardgas is.
 

Vragen over warmtenetten en stadsverwarming

Hoe weet ik of mijn woning wordt aangesloten op een warmtenet?

Als er plannen zijn om in jouw buurt een warmtenet aan te leggen, start de communicatie daarover meestal al ruim voordat besloten wordt of het daadwerkelijk doorgaat. De informatie kan komen van je gemeente, van een warmtebedrijf, of een bewonersinitiatief uit de buurt.

Als er uiteindelijk een aanbod komt om mee te doen, besluit je als woningeigenaar zelf of je jouw woning laat aansluiten. Als huurder loopt dit via je verhuurder, maar die kan je woning niet zomaar laten aansluiten als jouw energierekening daardoor verandert. In de Transitievisie Warmte van je gemeente kun je nakijken of er al plannen zijn om in jouw buurt een warmtenet aan te leggen.

Hoe weet ik of ik mijn huis extra moet isoleren?

Voordat een warmtenet aangelegd wordt, is de temperatuur van het water al bekend. Of je extra moet isoleren, hangt af van of je jouw huis met die temperatuur warm krijgt. Dat kan per woning verschillen, maatwerkadvies is soms nodig. In andere gevallen hoeft dat niet omdat de woning bij de bouw al genoeg geïsoleerd is of omdat de temperatuur in het warmtenet relatief hoog wordt.

Je kunt zelf testen met welke temperatuur je jouw huis warm genoeg wordt, door de temperatuur van je cv-ketel te verlagen. Zie:

Is een aansluiting op een warmtenet verplicht?

Als woningeigenaar besluit je zelf of je jouw woning laat aansluiten op een warmtenet. De keuze om aangesloten te worden, kan alleen als er een aanbod wordt gedaan door een warmtebedrijf. Als huurder loopt dit via je verhuurder. Maar als je energierekening daardoor hoger zou worden, kan hij je niet zomaar aan laten sluiten.

Er gaat de komende jaren waarschijnlijk wel wat veranderen in de wetgeving. Een gemeente kan dan een wijk, buurt of dorp aanwijzen om op een bepaalde datum helemaal aardgasvrij te worden. Als daar dan ook een warmtenet komt, mag je er als woningeigenaar voor kiezen om zelf met een even duurzaam alternatief voor aardgas te komen.

Als je niet voor een alternatief kiest, ga je automatisch akkoord met het aanbod voor het warmtenet. De details hiervan worden nog uitgewerkt, en de wet moet ook nog worden goedgekeurd.

Ben ik duurder uit als ik word aangesloten op een warmtenet dan met een cv-ketel?

Kort gezegd: nee. Er is een wettelijke bepaling die stelt dat je niet meer gaat betalen voor het gebruik van een warmtenet, dan je nu al doet terwijl je aardgas gebruikt. Hij heet ‘de niet-meer-dan-anders'-regeling ofwel NMDA.

De ACM – Autoriteit Consument en Markt – heeft de verantwoordelijkheid om uit te rekenen wat dan de maximale warmtetarieven zijn, zodat je ook echt niet meer betaalt. Hiervoor wordt jaarlijks een rekenmodel ingevuld.

Bij de berekening van de kosten voor gas en de cv-ketel worden ook uitgaven meegerekend, zoals het regelmatig onderhoud en de afschrijving van de cv-ketel.

Het complexere antwoord is: mééstal ben je niet duurder uit. Hoe verfijnd dit rekenmodel ook is, er zijn uitzonderingen waarbij een warmtenet wél duurder is.

Wat kost het om mijn woning aan te laten sluiten op een warmtenet?

Als woningeigenaar betaal je de ‘Bijdrage Aansluitkosten’ ofwel BAK aan het warmtebedrijf dat verantwoordelijk is voor het warmtenet. Voor de eerste 25 meter ‘onder de grond’ betaal je een vast bedrag, daarna wordt per meter extra gerekend. Dit bedrag is maximaal 5.337,39 euro in 2023.

Je kunt ook € 3325 ISDE-subsidie krijgen voor een warmtenetaansluiting. Deze subsidie krijg je alleen als je huis volledig aardgasvrij wordt. Als je nog op gas kookt, moet je dus overstappen op een alternatief zoals inductie. Daarnaast kunnen nog kosten komen voor werkzaamheden in huis om de warmtenetaansluiting aan je verwarmingsinstallatie te verbinden.

Hoe is mijn energierekening opgebouwd als ik ben aangesloten op een warmtenet?

​​​​​​Bij een warmtenet bestaat je energierekening – net als bij aardgas – uit variabele en vaste kosten. Je betaalt maandelijks een termijnbedrag dat is vastgesteld op een geschat verbruik. Aan het eind van het jaar ontvang je de eindafrekening, net als wanneer je aardgas afneemt bij een energieleverancier.

Variabele kosten bij het gebruik: deze kosten hangen af van hoeveel warmte je daadwerkelijk verbruikt. Dit gaat bij een warmtenet per gigajoule (GJ) warmte. Sommige warmtenetten leveren in de zomer ook koude. In dat geval betaal je ook per GJ geleverde koude.

Vaste kosten bij het gebruik: deze bestaan uit:

  • Kosten voor de infrastructuur en onderhoud van het warmtenet.
  • Meettarief, ofwel kosten voor het meten hoeveel warmte en eventueel koude je gebruikt.  
  • Huur van de afleverset (ook wel warmtewisselaar) die het warme water vanuit het warmtenet naar de radiatoren transporteert. Hiervoor wordt vaak een huurbedrag in rekening gebracht, omdat de leverancier eigenaar blijft.

Is het verplicht om de gasaansluiting te laten verwijderen als mijn woning wordt aangesloten op een warmtenet?

Nee het is niet verplicht. Maar als je het niet doet, blijf je vastrecht betalen. In de toekomst kunnen gemeenten wel aangeven dat ergens helemaal geen aardgas meer geleverd wordt.

Is een warmtenet alleen voor verwarming of ook voor warm water uit de kraan?

Voor beide. Het warme water uit het warmtenet komt niet letterlijk uit de kraan, maar warmt het kraanwater op.

Kan ik met een warmtenet de temperatuur in huis nog wel goed reguleren?

Ja, dat is geen probleem. Dat kan gewoon met de thermostaat en de knoppen op de radiatoren. Net als bij verwarming met een cv-ketel.

Wat is het verschil tussen een warmtenet op hoge temperatuur en een warmtenet op lage temperatuur?

Door een warmtenet op lage temperatuur stroomt water met een temperatuur van 30 tot 55 graden. Een middentemperatuurwarmtenet heeft water tussen 55 en 75 graden. De temperatuur van warmtenetten op hoge temperatuur ligt tussen de 75 en 90 graden.

Lagetemperatuurwarmtenetten zijn alleen geschikt voor woningen die goede isolatie hebben. Met een goede isolatielaag en geschikte radiatoren of vloerverwarming is een lage temperatuur voldoende om een woning warm te krijgen.

Voor woningen met mindere isolatie, is een hogere temperatuur nodig. Maar extra isolatie en soms nieuwe radiatoren of vloerverwarming kunnen zo’n huis toch geschikt maken voor een warmtenet op lage temperatuur.

Er bestaan ook zeer lage-temperatuurwarmtenetten, met water van 10 tot 30 graden. Dat is niet warm genoeg om een huis te verwarmen. Daarbij is per woning een warmtepomp nodig om het water verder te verwarmen.

Hoeveel warmtenetten zijn er al in Nederland?

Er zijn in Nederland al ongeveer 10.000 warmtenetten. 9.000 daarvan zijn kleine systemen binnen één gebouw of complex met gemiddeld minder dan 50 aansluitingen. De warmteleverancier is daar vaak een woningcorporatie of VvE. Er zijn 13 grote warmtenetten met meer dan 5.000 aansluitingen. De rest zit ertussenin.

Kan een warmtenet ook koelen?

Sommige warmtenetten kunnen ook koelen. Dit is niet vanzelfsprekend. Het warmtenet moet dan ook op een koudebron zijn aangesloten. Daarnaast moeten je radiatoren en vloerverwarming er geschikt voor zijn.

Zijn warmtenetten duurzaam?

De warmte van een warmtenet kan uit verschillende bronnen komen, de ene is duurzamer dan de andere. Van de bestaande kleinere warmtenetten gebruikt een deel al alleen hernieuwbare energie. Bij grotere warmtenetten wordt meestal restwarmte gebruikt. Hieronder zeggen we meer over de duurzaamheid daarvan.

Om in 2050 als land klimaatneutraal te zijn, is het van belang dat straks alle warmte uit duurzame bronnen komt. Een belangrijk voordeel van warmtenetten is dat de bron ook verduurzaamd kan worden als het net er al ligt. Er hoeft dan thuis niets meer te gebeuren.

Restwarmte

Grote warmtenetten worden nu nog vaak gevoed met warmte van energiecentrales die een warmtekrachtkoppeling hebben. In zo'n centrale wordt - vaak met kolen of gas – grijze stroom opgewekt. Daar komt warmte bij vrij, en die wordt benut. Dit is een vorm van restwarmte en het is duurzaam om die te gebruiken.

In de toekomst zal deze vorm van restwarmte er niet meer zijn, want we gaan in Nederland steeds minder energie met fossiele brandstoffen opwekken. Op termijn moeten warmtenetten die zijn aangesloten op een warmtekrachtkoppelen ook over op een volledig duurzame bron.

Er zijn ook andere bronnen van restwarmte, bijvoorbeeld uit afvalverbranding of datacenters. Omdat deze warmte anders zou vervliegen of in oppervlaktewater terecht komt, is het duurzaam om een warmtenet ermee te voeden.

Biomassa

Een aantal warmtenetten in Nederland gebruiken biomassa als warmtebron. Lees hier meer over de duurzaamheid van biomassa
 

Zorgt een warmtenet voor minder CO2-uitstoot dan een cv-ketel?

Ja, gemiddeld 63 procent minder.

Waarom worden nog niet alle warmtenetten aangesloten op duurzame warmtebronnen?

Kortgezegd zijn er nog niet voldoende duurzame warmtebronnen beschikbaar die aan de warmtevraag van de warmtenetten kunnen voldoen. Dit kost tijd om te ontwikkelen. Daarom worden nu soms grijze warmtebronnen ingezet die in fases vervangen worden door duurzame alternatieven.

Het uitgebreidere antwoord heeft te maken met basislast en pieklast.

Basislast

De basislast is de warmte die per warmtenet vrij stabiel constant nodig is. Denk hierbij aan de verwarming en warmte via kranen en douches, die gemiddeld genomen altijd wel ergens in een wijk aan staan. Hiervoor is een warmtebron nodig die stabiel en consistent warmte levert.

Op dit moment wordt als constante bron alleen nog gebruik gemaakt van restwarmte uit elektriciteit of industrie en biomassaketels. Maar de techniek is hard in ontwikkeling. In de toekomst zullen deze bronnen aangevuld of vervangen worden door duurzame bronnen als warmte uit oppervlaktewater en de grond.

Pieklast

De pieklast omvat de momenten waarop bijna alle huishoudens in korte tijd veel warmte gebruiken. ’s Ochtends en ’s avonds als er veel gedoucht wordt, maar denk ook aan de koude winterdagen waarop extra warmte nodig is om woningen warm te krijgen.

Om de pieklast op te vangen, zijn warmtebronnen nodig die snel kunnen bijspringen. Nu worden daar nog vaak gascentrales voor ingezet - die kunnen net als een cv-ketel snel aan- en uitgaan.

Duurzame alternatieven zijn op dit moment voornamelijk ‘warmtebuffering’ (grote tanks met warm water) en biomassa. Toekomstige piekbronnen zijn groen gas en waterstof. Er wordt aan methodes gewerkt om deze duurzamere piekbronnen op te schalen.

schema piek en basislast

Hoe worden bestaande warmtenetten verduurzaamd?

In het Klimaatakkoord is afgesproken dat in 2050 alle warmtenetten 100% CO₂ -neutraal zijn. Momenteel werkt de overheid aan een nieuwe versie van de warmtewet, waarin dit waarschijnlijk wettelijk vastgelegd wordt.

Warmte-etiketten

Sinds 2020 worden warmtebedrijven al verplicht om via een ‘warmte-etiket’ te rapporteren over de warmtebron en de duurzaamheid van een warmtenet. Het gaat hierbij om de hoeveelheid CO₂ die per opgewekte gigajoule (GJ) vrijkomt, het aandeel fossiele energie en de hoeveelheid duurzame warmte die ermee wordt opgewekt. Zie bijvoorbeeld de warmte-etiketten van deze warmtebedrijven:

Wat voor wijken zijn geschikt voor een warmtenet?

Met name wijken waarin de woningen dicht op elkaar staan, zijn geschikt voor een warmtenet. Voor vrijstaande huizen in het buitengebied ligt een warmtenet minder voor de hand, maar het is niet onmogelijk. Aardgasalternatieven als een warmtepomp zijn meestal handiger. 

Hoe kunnen we samen met de buurt een warmtenet realiseren?

Wacht je liever niet tot de gemeente in jouw wijk het initiatief neemt voor een aardgasvrijplan? En wil je samen met je buurtgenoten onderzoeken wat voor jullie de beste manier is om van het gas af te gaan? In deze vijf stappen helpen we je op weg. 

Wie is de eigenaar van een warmtenet?

Op dit moment kunnen warmtenetten nog van verschillende typen eigenaren zijn, bijvoorbeeld van commerciële partijen of gemeenten. Waarschijnlijk wordt het binnenkort verplicht dat een publieke partij altijd voor het grootste deel eigenaar is van een warmtenet. Lees hier verder hoe dat zit:

Wat is een warmtebedrijf?

Een warmtebedrijf is verantwoordelijk voor het beheer van het systeem van het warmtenet in een bepaalde buurt of wijk. Verschillende partijen kunnen eigenaar zijn van het warmtebedrijf. De gemeente, bewoners van de wijk die zich hebben verenigd in een coöperatie, een commercieel bedrijf, of een combinatie van deze partijen. 

Waarom is de warmteleverancier een monopolist?

In Nederland kennen we alleen gesloten warmtenetten. Dit betekent één netwerk met één leverancier en één warmteproducent. Dit is voornamelijk omdat het technisch en financieel erg ingewikkeld is om meerdere partijen van hetzelfde net gebruik te laten maken zoals bij stroom gebeurt

Kan een warmtebedrijf als monopolist veel geld verdienen?

Momenteel heeft een warmtebedrijf een unieke positie, omdat hij in het huidige systeem de enige beheerder van een bepaald warmtenet is. Om consumenten te beschermen, zijn er overheidsregels waaraan warmtebedrijven zich moeten houden:

  • Niet te veel winst maken: de Autoriteit Consument en Markt (ACM) houdt in de gaten dat warmtebedrijven niet te veel winst maken.
  • Prijs gelijk aan verwarmen met gas: de prijs voor warmte mag niet meer zijn dan wanneer je een woning verwarmt met aardgas. Dit heet de niet-meer-dan-anders regeling (NMDA).

Toekomst: kostenplusmodel

In de toekomst komt er een nieuwe warmtewet en worden deze regels waarschijnlijk vervangen door het ‘kostenplusmodel’. In dit model mag het warmtebedrijf maximaal 6% winst maken op de warmte die hij produceert. Dit wordt gezien als een ‘redelijk rendement’ omdat een warmtebedrijf haar investering moet kunnen terugverdienen.

Gevolg is dat de warmteprijs per warmtenet kan verschillen. Er wordt onderzocht hoe oneerlijke prijsverschillen kunnen worden voorkomen.

Wat zijn open warmtenetten?

Op een open warmtenet kunnen meerdere warmtebronnen en warmteleveranciers aangesloten zijn. Ze gebruiken het open net om hun warmte te verhandelen.

Wanneer is een open net mogelijk?

In Nederland is een warmtenet tot dusver altijd een gesloten systeem geweest met één leverancier, omdat een open net zowel technisch als economisch lastig is. De infrastructuur van warmte is namelijk, in tegenstelling tot die van gas en elektriciteit, lokaal en niet nationaal verbonden met andere warmtenetten.

Warmte kan niet goed over grote afstanden verplaatst en verhandeld worden. De infrastructuur ontbreekt en bij het verplaatsen lekt er warmte weg.

In theorie kunnen er meerdere leveranciers en bronnen op een warmtenet worden aangesloten. Maar uit onderzoek en de praktijk blijkt dat dat voor consumenten meestal niet goedkoper of beter is. Dit kan in de toekomst nog veranderen. 

Op de hoogte blijven?

Ontvang tips, artikelen, nieuws en meer! Geef hieronder aan welk thema je voorkeur heeft.

Lees voor meer informatie ons privacybeleid
Lijsten