
Wat wordt bedoeld met flexibiliteit op het stroomnet?
Het woord flexibiliteit komt steeds vaker terug in artikelen en rapporten over onze elektriciteitsvoorziening. In dit artikel lees je waarom dat zo is en wat ermee bedoeld wordt.
Tot een paar jaar geleden stonden de inkomsten van energiecoöperaties bij voorbaat vrijwel vast. Sindsdien heeft onrust zich meester gemaakt van de energiemarkten, waardoor het voor coöperaties lastig is geworden om goede begrotingen te maken voor nieuwe projecten. Toch leveren de hogere energieprijzen ook kansen.
De onrust op de energiemarkt kan niemand zijn ontgaan. Jarenlang zijn er talloze pogingen gedaan om de onderwerpen energie, klimaat en energietransitie op de agenda te zetten. De energieprijsexplosies van 2021 en 2022 hebben ze voor iedereen onontkoombaar gemaakt. Een gevolg van de oorlog in Oekraïne is dat steeds meer mensen weten wat hun energieverbruik is en wat ze ervoor betalen.
Dat het Nederlandse gasverbruik in 2022 met 15% jaar is gedaald, komt puur door de hoge prijs, zegt Hans van Cleef, Head Energy Research & Strategy bij adviesbureau Publieke Zaken. Hij legt uit welke mix van factoren de elektriciteitsprijs bepaalt:
De gasprijs is van alle factoren het meest dominant bij de totstandkoming van de elektriciteitsprijs. Als de EU koste wat het kost de gasvoorraden op peil probeert te houden, stijgen uiteraard de gasprijzen. Dankzij de milde winter (minder vraag) en de verhoogde importcapaciteit voor en voldoende aanbod van liquid natural gas (lng) is de gasprijs weer gedaald.
Toch kunnen in de toekomst factoren (zoals nieuwe covidbesmettingen in Azië of juist het aantrekken van de economie door de mondiale vraag) sterk beïnvloeden. Van Cleef: “Gaan China of andere partijen in Azië die lng daardoor opkopen? Dat kan de prijs weer doen stijgen.”
Waarom heeft de gasprijs zo'n grote invloed op de elektriciteitsprijs? Dat is omdat de elektriciteitsmarkt één geheel is en werkt op basis van de zogenaamde merit-order. Die werkt als volgt: zonne-, wind- en kernenergie zijn weliswaar relatief goedkoop, maar het aanbod is onvoldoende om aan de totale elektriciteitsvraag te voldoen.
Op dit moment zijn kolen iets goedkoper dan gas, dus dat is de volgende energiebron waarmee aan de vraag wordt tegemoetgekomen. Maar ook met kolen erbij is het aanbod nog niet voldoende.
De laatste, en duurste energiebron waarmee aan de vraag wordt voldaan, is gas. En de merit-order zegt dat de laatste factor de elektriciteitsprijs bepaalt. Met andere woorden: de prijs wordt bepaald door de marginale kosten van het aanbod om aan de energievraag te voldoen.
Omdat de elektriciteitsmarkt één geheel is – onafhankelijk van de energiebron – krijgen coöperaties veel meer geld voor hun teruggeleverde stroom dan het ze kost om die zonne- en windenergie op te wekken. Kan dat niet anders? De Europese Commissie heeft onderzocht of er in de toekomst ook meer met lokale of maatwerkcontracten kan worden gewerkt. Eventuele maatregelen met betrekking tot een hervorming van de elektriciteitsmarkt worden in maart 2023 bekend gemaakt.
Van Cleef: “Zo'n consultatie is heel zinvol, maar de uitdagingen die we de komende jaren hebben is nog groter. Want hoe gaat het marktmodel eruitzien als we steeds minder afhankelijk worden van fossiele energiebronnen? Als een gascentrale maar een paar dagen per jaar nodig is, moet de elektriciteitsprijs hoog genoeg zijn om hem rendabel te houden. Misschien moeten we naar een heel ander marktmechanisme, waarbij de kosten van zo'n centrale over iedereen wordt verdeeld.”
Er wordt veel geklaagd over de mondiale investeringen in olie en gas, maar het Internationale Energieagentschap laat juist zien dat die keurig in lijn zijn met het anderhalvegraden-scenario. De investeringen in olie en gas zijn niet te groot, maar de investeringen in duurzame energie zouden relatief veel groter moeten zijn. Waar die nu nog 2,5 keer groter zijn dan de investeringen in olie en gas, zouden ze liefst negen keer groter moeten zijn om de afname in olie en gas te compenseren.
Van Cleef: “Er wordt als gevolg van alle politieke onzekerheden veel te weinig geïnvesteerd in duurzame energie om aan de vraag te kunnen voldoen, wat er óók voor zorgt dat de prijzen zo hoog zijn.”
Want er is nóg een heel belangrijke factor die de elektriciteitsprijs bepaalt: de heersende toekomstverwachting. En die is per definitie onzeker. Van Cleef: “Je zou voor gek zijn verklaard als je in 2020 had beweerd dat de elektriciteitsprijs twee jaar later op 380 euro per MWh zou staan. Toch is dat gebeurd.”
Coöperaties zullen dus meer risico's moeten nemen: minder rekenen op vaste rendementen en meer meebewegen met de markt.
Van Cleef: “Opwekprojecten leunden tot nu toe op subsidie uit de Stimulering Duurzame Energietransitie en Klimaattransitie (SDE++), die de opbrengst garandeerde. Maar de marktrisico’s nemen toe. Sinds de SDE++ te laag is om de stijgende bouwkosten en bankrente te dragen, worden opwekprojecten afhankelijker van onzekere factoren. Mede daarom kan het aantrekkelijk zijn om de opbrengst van een zonnepark of windpark vast te leggen door middel van een power purchase agreement (ppa). Een ppa is een vaste prijsafspraak (van gemiddeld 10 tot 12 jaar) tussen consument als producent over de op te wekken stroom. Dit is wezenlijk anders dan een zogenaamd contract for difference waarbij je een prijsafspraak maakt binnen een bepaalde bandbreedte. De ppa biedt zekerheid ten tijde van volatiele elektriciteitsprijzen, en voorkomt dat je prijsrisico’s loopt. Minder prijsrisico is aantrekkelijk voor de financiers van projecten.”
Dit artikel is gebaseerd op de sessie 'De toekomst van de energieprijzen; kansen voor energiecoöperaties' tijdens het Evenement HIER opgewekt op 14 februari 2023.

Het woord flexibiliteit komt steeds vaker terug in artikelen en rapporten over onze elektriciteitsvoorziening. In dit artikel lees je waarom dat zo is en wat ermee bedoeld wordt.

Op 29 oktober 2025 gaat Nederland naar de stembus voor de Tweede Kamerverkiezingen. De uitslag bepaalt in grote mate het energiebeleid voor de komende jaren. Politieke partijen denken verschillend

Het Rijk draagt met Energie op Rijksgrond bij aan de realisatie van de doelen uit de Klimaatwet. Het landelijk programma Opwek van Energie op Rijksvastgoed (OER) voert dat uit. In dit artikel geven we