warmtenet

3. Collectieve warmteprojecten





 

Dit jaar zijn er 21 nieuwe warmte-initiatieven bijgekomen. Tegelijkertijd blijkt dat een aantal initiatieven niet coöperatief worden doorontwikkeld, of dat ze niet tot een verkennend onderzoek zijn gekomen. Daarmee komt het totaal actieve warmte initiatieven op 70. 

In dit hoofdstuk kijken we naar duurzame warmteprojecten waarbij een bewonersinitiatief betrokken is. Hoeveel projecten zijn er, in welke fase bevinden ze zich, en welke bronnen worden onderzocht? We kijken ook naar de rol van het bewonersinitiatief. Voor meer duiding vind je hieronder de gebruikte definities.

Definitie warmte-initiatief

Met een warmte-initiatief doelen we op een initiatief van bewoners die zich in collectief verband bezighouden met de warmtetransitie in de eigen woonomgeving (buurt, wijk, gemeente of regio). Ze zijn zelfsturend en werken samen aan een collectieve warmtevoorziening, collectief opdrachtgeverschap en/of behartigen de belangen van bewoners bij de planvorming van de gemeente.

Meestal is bij een warmte-initiatief de samenwerking georganiseerd in een coöperatie. Die zijn bij ons bekend. Daarnaast kijken we in dit hoofdstuk ook naar initiatieven zonder rechtsvorm en naar initiatieven met een andere rechtsvorm. We beperken ons in dit hoofdstuk tot bewonersinitiatieven met relatief concreet uitgewerkte plannen. We volgen een initiatief zodra het zich in het openbaar profileert als project.

Dat wil zeggen:

  • Het houdt zich bezig met het warmtevraagstuk.
  • Het maakt zich bekend met een eigen naam.
  • Het heeft concreet uitgewerkte plannen en heeft ten minste een verkennend onderzoek uitgevoerd of is hier mee bezig.
  • Het heeft meerdere activiteiten in de woonomgeving georganiseerd.
  • Het communiceert in het openbaar over haar plannen.
  • Het informeert wijkbewoners en andere belangstellenden via een eigen website, sociale media en/of andere (lokale) media.

Definitie warmteproject & projecten voor collectieve warmtevoorzieningen

Een warmteproject is een project dat door een warmte-initiatief is gestart, of waarbij een warmte-initiatief betrokken is. We kijken in de Lokale Energie Monitor naar projecten met een collectieve warmtevoorziening. Daarbij is er vrijwel altijd sprake van een systeem (warmteketen) met één meerdere duurzame bronnen, een warmtenet ten behoeve van het transport van de warmte en de levering van de warmte aan een huishouden of utiliteitsgebouw.

Er zijn ook projecten in Nederland waarbij er geen collectieve voorziening wordt gerealiseerd, maar wel een collectieve aanpak wordt gebruikt. Bijvoorbeeld in het geval van all-electric oplossingen, waarbij een hele wijk in een keer wordt aangepakt. Deze projecten blijven dit jaar buiten beschouwing.

In het kort

  • Van de 714 energiecoöperaties, zijn 63 bezig met een warmteproject.
  • Zeven warmteprojecten zijn gestart door een bewonersinitiatief dat (nog) niet voldoet aan de definitie van een burgerenergiecollectief. 
  • Er zijn 70 collectieve warmteprojecten bij ons bekend, daarnaast zijn 11 initiatieven stopgezet. 
  • 59% van de collectieven is initiatiefnemer, 30% gelijkwaardig partner en 11% onderdeel van een klankbordgroep.
  • Thermische energie uit oppervlaktewater (TEO) wordt in 29 projecten onderzocht of ingezet als bron. 
  • Provincie Utrecht heeft de grootste toename met zeven nieuwe warmteprojecten in 2023. 

Achtergrondinformatie

Ontwikkelingen omtrent de nieuwe Wet collectieve warmte (Wcw)

Er wordt door het ministerie van Economische Zaken en Klimaat gewerkt aan een opvolger voor de warmtewet: de Wet collectieve warmte (Wcw). De verwachting is dat de nieuwe warmtewet per 1 januari 2025 ingaat. In de nieuwe warmtewet is opgenomen dat bij collectieve warmtesystemen meer dan de helft in handen moet zijn van publieke partijen.

Rol energiecoöperaties

In het aangepaste wetsvoorstel van juli 2023 is een belangrijke rol weggelegd voor energiecoöperaties. De rol van een publieke partij in een collectief warmtesysteem kan namelijk ook worden ingevuld door een warmtegemeenschap.

Dit houdt in dat energiecoöperaties, die als warmtegemeenschap kunnen worden gezien, ook (mede)eigenaar kunnen worden van een warmtenet. Op deze manier krijgen coöperaties een sterkere positie op de warmtemarkt.

Zie voor meer informatie: Voortgang warmtewet: publiek eigendom uitgewerkt, ruimte voor energiegemeenschappen.

SCCALE koplopersgroep

Het Sustainable Collective Citizen Action for a Local Europe (SCCALE) 203050 project is een Europees project met het doel om energiegemeenschappen op te bouwen. Het initiatief wordt onder andere door Energie Samen en TU Delft begeleid. Het project loopt van 2021 tot eind november 2024.

Energie Samen begeleidt zeven initiatieven om met behulp van een stappenplan tot een warmtegemeenschap te komen. Elk project heeft zijn eigen uitdagingen, maar bevindt zich in dezelfde fase, namelijk de ontwikkelfase.

De initiatieven in het programma zijn:

  • Beng! uit De Bilt
  • Buurtwarmte Componistenbuurt uit Zutphen
  • Buurtwarmte Enkhuizen
  • Lopec uit Loppersum
  • Oog voor Warmte uit Utrecht
  • Sallandsweide uit Zwolle
  • Warm in de Wijk uit Den Haag

Projecten per fase

Hieronder in figuur 3.2 vind je een overzicht van het aantal actieve en gestopte projecten per projectfase, zie ook de bijlage met alle individuele warmteprojecten. We zien dat er veel projecten in de oriëntatiefase zitten. Bij deze projecten is het nog onzeker of ze ontwikkeld kunnen worden.

Er kan bijvoorbeeld blijken dat een collectieve oplossing financieel of technisch niet haalbaar is. Dit gebeurde bijvoorbeeld bij warmtenetplannen in Hedikhuizen, Hintham Zuid of in Loosdrecht Bomenbuurt en Schildersbuurt.

Zie ter duiding ook onze definities van projectfasen en statussen.

Definitie projectstatus: actief, niet actief en stopgezet

We houden bij wat de status van een project is, omdat het belangrijk is om te weten in welke fase deze zich bevindt en onder welke omstandigheden projecten voor collectieve warmtevoorzieningen wel of niet succesvol zijn. We verdelen projecten in actief, niet-actief en stopgezet.

  • Actief betekent dat er in het afgelopen jaar gecommuniceerd is over het project, of dat er ontwikkelingen zijn geweest.
  • Niet actief betekent dat een project niet definitief is stopgezet, maar bijvoorbeeld langdurig is vertraagd of het afgelopen jaar geen ontwikkelingen heeft doorgemaakt. We geven de niet-actieve projecten niet weer in de monitor, maar houden deze wel bij.
  • Stopgezet betekent dat er expliciet is vermeld dat het project is stopgezet. Dit kan bijvoorbeeld zijn omdat het project niet haalbaar is gebleken in verkennend of een haalbaarheidsonderzoek. We noteren projecten ook als stopgezet wanneer ze meerdere jaren niet actief zijn.

Definitie projectfasen voor collectieve warmtevoorzieningen

We maken onderscheid tussen zes onderstaande projectfasen. Deze fasen zijn gekozen omdat ze aansluiten bij wat wij inzichtelijk kunnen maken via online onderzoek en de enquête. We proberen deze fasen vervolgens zoveel mogelijk aan te sluiten bij de fasen die HIER hanteert in de wijkaanpak aardgasvrij:

  1. Oriëntatie, verkennend onderzoek: er wordt onderzocht welke (collectieve) oplossingen voor duurzame warmtevoorzieningen mogelijk zijn in een wijk of dorp. Vaak worden er meerdere oplossingsrichtingen onderzocht. Deze fase wordt vaak door de initiatiefnemer uitgevoerd.
  2. Oriëntatie, haalbaarheidsonderzoek: meestal is er nu een beeld van een voorkeursoplossing. Deze oplossing dient te worden doorgerekend op technisch en financieel vlak. In deze fase wordt vaak een ingenieursbureau ingeschakeld.
  3. Ontwikkelen, ontwerpfase: uit het haalbaarheidsonderzoek is gebleken dat een collectieve warmtevoorziening mogelijk en gewenst is. In de ontwerpfase worden de technische en financiële ontwerpen gemaakt. Vanaf deze fase is de kans dat het project gerealiseerd wordt een stuk groter.
  4. Ontwikkelen, aanbestedingsfase: in deze fase worden de ontwerpen voorgelegd aan de partijen die in de uitvoering kunnen voorzien. Denk aan aannemers en warmteleveranciers.
  5. Uitvoering, realisatiefase: de bron, het net en het aansluiten van huizen worden gerealiseerd. Dit is niet altijd tegelijkertijd.
  6. Gebruik, operationeel: het project levert warmte aan huishoudens. Hiermee is het project voor de Lokale Energie Monitor afgerond.

Projecten per provincie

In grafiek 4.5 (zie hieronder) zijn de projecten per provincie weergegeven en uitgesplitst in projectfasen.

Dit jaar zijn met name in de provincie Utrecht een aantal nieuwe projecten in de verkennende fase en haalbaarheidsfase gestart. Het is moeilijk te bepalen waar de verschillen in de aantallen projecten vandaan komen.

Collectieve warmtevoorzieningen zijn vaak geschikt voor gebieden met een relatief dichte bebouwing. Dat komt echter niet (geheel) voort uit de grafiek. Een andere mogelijke verklaring zou kunnen zijn dat de aanwezigheid van energiecoöperaties een rol speelt. Het antwoord is dat we het (nog) niet weten.

Uitgelichte projecten

Een update van de warmteprojecten die in ontwikkeling zijn:

Ketelhuis WG terrein, Amsterdam: ontwerpfase

Bewonerscoöperatie Ketelhuis WG is initiatiefnemer in een project waarbij alle bestaande woon- en utiliteitsgebouwen op het Wilhelmina Gasthuis terrein in Amsterdam aardgasvrij worden gemaakt.

Warmtenet

De coöperatie wil duurzame warmte realiseren voor 1.500 eigenaren en huurders van circa 30 gebouwen. Sinds 2018 zijn ze bezig met de ontwikkeling van een warmtenet met een TEO-bron (warmte uit oppervlaktewater) uit het Jacob van Lennepkanaal. Dit doen zij onder andere met ondersteuning vanuit het programma aardgasvrije wijken.

Haalbaarheid

In juli 2022 gaf de gemeente na de eerste presentatie van de businesscase aan dat zij twijfels had bij de (financiële) haalbaarheid van het project. Dat was een probleem, aangezien de gemeente verantwoordelijk is voor de uitkering van de PAW gelden, en voorafgaand aan de uitkering onder andere dient te toetsen of het project haalbaar is.

Hierdoor kwam de laatste uitkering van 3 miljoen PAW-subsidie in het geding. Zonder deze subsidie kon de aannemer niet aan de slag, en het project kwam stil te liggen. In april 2023 is door de gemeente bepaald dat de businesscase toch sluitend is en het project daarmee ook haalbaar is. De laatste drie miljoen van de PAW-subsidie mag worden uitgekeerd. 

Het is de verwachting dat de plannen eind 2023 definitief worden gemaakt en de eerste buizen vanaf 2024 in de grond worden geplaatst. 

Tijdlijn

Op de website Plankenzondergas.nl heeft KetelhuisWG een tijdlijn van het project geprojecteerd. Op een speelse maar serieuze wijze word je als lezer meegenomen in alle stappen die zijn ondernomen om het Wilhelmina Gasthuis terrein van duurzame warmte te voorzien.

Warm in de Wijk, Den Haag: ontwerpfase

In de Vruchtenbuurt werd de afgelopen tijd gewerkt aan een warmtenet met een thermische energie uit drinkwaterbron (TED). Het bewonerscollectief Warm in de Wijk haalde in 2022 640 intentieverklaringen op van bewoners die interesse hadden om aan te sluiten op dit warmtenet. Dat waren 140 verklaringen meer dan nodig was om het project van start te laten gaan.

Het plan was om warmte te onttrekken aan de rivierwaterleiding van drinkwaterbedrijf Dunea. Deze leiding wordt gebruikt om het water, dat bij rivier wordt ingenomen, te transporteren naar de duinen in Monster. Vervolgens wordt het water in de duinen geïnfiltreerd.

Tegenslag

Met de intentieverklaringen leek de weg vrij voor het project om naar de volgende fase te gaan. Helaas bleek in april dat Dunea zich moest terugtrekken. De temperatuurverlaging die de TED-installatie teweeg zou brengen, z0u een effect kunnen hebben op de snelheid waarmee het drinkwater gefilterd kan worden in de duinen. Waardoor er mogelijk minder (snel) drinkwater kan worden gemaakt.

Het gevolg is dat er een nieuwe bron gezocht moet worden, bijvoorbeeld thermische energie uit afvalwater (TEA) van de effluentleiding van de RWZI Harnaschpolder.

Warmtegemeenschap

Daarnaast zijn er plannen om in het najaar van 2023 te gaan werken aan een organisatie die voldoet aan een warmtegemeenschap zoals beschreven in het voorstel van de nieuwe warmtewet.

Warmtenet Oost-Wageningen: aanbestedingsfase

Coöperatie Warmtenet Oost-Wageningen werkt sinds 2018 aan een warmtenet voor de Wageningse wijk Benedenbuurt. Het betreft een warmtenet op middentemperatuur (70°C), gevoed door een luchtwarmtepompsysteem en warmtekoudeopslag (WKO). De coöperatie heeft samen met de gemeente en warmteleverancier een warmtebedrijf opgericht in 2021: warmtebedrijf WOW.

Mijlpalen

Voor warmtebedrijf WOW stapelen de mijlpalen zich op. De woningstichting en huurders doen mee. De samenwerkingsovereenkomst tussen de gemeente, WOW en warmteleverancier Kelvin is getekend en de onderzoeken die benodigd zijn voor de omgevingsvergunning lijken geen problemen op te werpen. Ook is er een installateur geselecteerd.

Uitvoering

Nu het succes met de buurt gevierd is, zal de uitvoering van start gaan. De volgende stap is het maken van woningopnames voor het vaststellen van de aansluitroute naar woningen. Vervolgens zal in 2024 gelijktijdig met de rioleringsvervanging het warmtenet worden aangelegd.

 

Traaise Energie Maatschappij, Terheijden: realisatiefase

De Traaise Energie Maatschappij (TREM), het warmtebedrijf van het Traais Energie Collectief (TEC) in de Brabantse gemeente Drimmelen, is in 2019 begonnen met de aanleg van het Traais warmtenetwerk in het centrum van het dorp Terheijden. Het warmteproject bevindt zich in de realisatiefase.

Op dit moment worden de eerste woningen van warmte voorzien met behulp van een collectieve warmtepomp die in de 'Energiebrouwerij' staat. De elektriciteit die hiervoor nodig is komt van windmolen de Noord. Inmiddels zijn er meer dan 150 woningen, twee gebouwen en een zwembad aangesloten op het warmtenet.

Vier bronnen

Het totale warmtesysteem wordt in de toekomst een combinatie van vier bronnen. Aquathermie in combinatie met een WKO, uit het riviertje de Mark. Windenergie komt van Windmolen de Noord. Daarnaast kunnen het zonnepark de Bergen en Aardwarmte de Bergen worden aangesloten.

Het Traais Warmtenetwerk is dit jaar op het Nationaal Warmte Congres uitgeroepen tot het meest duurzame en innovatieve warmtenet van het jaar.

RestwarmteNet Hoek, Terneuzen: ontwerpfase

Restwarmte kun je soms letterlijk zien. In het dorp Hoek in Zeeland (gemeente Terneuzen) zie je in de verte stoom uit de koeltorens van Chemieconcern DOW komen. Hierdoor ontstonden in 2021 plannen om de warmte die ontstaat bij DOW in te zetten als bron voor de verwarming van het dorp Hoek. De dorpsbelangenvereniging heeft een projectleider gezocht waarna de vereniging Restwarmte Net Hoek is opgericht.

Met name de gemeente Terneuzen en de provincie waren zeer geïnteresseerd en hebben de vereniging ondersteund en bijgestaan. De volgende voorziene stap was het oprichten van een warmtebedrijf. Om dit goed op te kunnen pakken zijn ook Zeeuwind en Netverder betrokken. Inmiddels telt RestwarmteNet Hoek 500 leden, dat is met een duizendtal huizen in het dorp al de helft van alle woningen.

Samenwerking

Na het opmaken van een schetsontwerp, businesscase en uitvoeringsplan voor het restwarmtenet Terneuzen, het netwerk waar Hoek onderdeel van zou uitmaken, bleef het vanuit DOW stil. Tot op heden is er helaas geen contact meer tussen DOW en RestwarmteNet Hoek.

Desalniettemin wordt er onverminderd samengewerkt met de andere partners om te onderzoeken of het mogelijk is om het warmtenet met een andere bron te combineren. Er is inmiddels een mooie samenwerking tussen de partijen ontstaan. Het zou zonde zijn om daar nu niet op door te pakken.

Rol bewonerscollectieven

Dit jaar hebben we scherper in beeld gebracht wat de rol van het warmte-initiatief binnen een warmteproject is. In figuur 3.3 zie je welke rollen gebruikelijk zijn bij collectieve projecten.

Om dit goed te duiden, vind je hieronder een definitie voor de verschillende rollen.

Definitie rol bewonerscollectief in een warmteproject

Bewonerscollectieven kunnen verschillende rollen bekleden binnen een project. Tegelijkertijd veranderen de rolverdelingen binnen het project vaak wanneer het in een nieuwe projectfase beland. We hanteren de volgende rolverdelingen:

  • Initiatiefnemer: het collectief heeft een aanjagende en trekkende rol bij het project. Communicatie verloopt via de website van het collectief en de betrokken partijen werken samen aan het project in opdracht van het collectief.
  • Partner: het collectief is gelijkwaardig partner in een samenwerking tussen meerdere partijen. Het collectief kan een projectleider aanleveren, of participatievraagstukken op zich nemen. We zien in dit geval vaak dat de communicatie naar het publiek via een onafhankelijke partij verloopt. Het collectief wordt expliciet benoemd in deze uitingen.
  • Klankbordgroep: het collectief is aangehaakt bij het project, en denkt als georganiseerde groep bewoners mee met de plannen. Het collectief wordt bevraagd wanneer er belangrijke stappen in het project worden doorlopen.

Benutte warmtebronnen

Warmtenetten kunnen op verschillende bronnen worden aangesloten. In figuur 3.4 hieronder geven we de warmtebronnen weer die bewonersinitiatieven in hun projecten onderzoeken of benutten. 

Warmte uit oppervlaktewater (TEO) blijft een veel onderzochte bron. Het blijft niet alleen bij onderzoek, het Traais warmtenetwerk zal TEO als een van haar bronnen inzetten en zo ook KetelhuisWG in Amsterdam.

Meerdere bronnen

We zien vaak dat er in de initiërende fasen meerdere bronnen worden onderzocht. Vaak ontstaat er vervolgens een project rondom de meest haalbare bron.

In sommige gevallen blijkt dat er meerdere bronnen nodig zijn om het warmtenet voldoende capaciteit te geven. Bijvoorbeeld in het geval van Buurtwarmte Enkhuizen en Warmtenet Balk waarbij een restwarmte bron en TEO bron allebei op het warmtenet worden aangesloten.

Bij de proeftuin Ecozand in (gemeente Den Bosch) zijn ze voornemens om TEO en zonthermie (hierbij wordt warmte uit zonlicht opgevangen door zonnecollectoren) beide als bron in te zetten.

Lees hier meer over welke warmtebronnen er allemaal mogelijk zijn bij collectieve warmtevoorzieningen.

Uitgelichte projecten

Projecten met geothermie: Zwolle, Zierikzee, Den Haag, Terheijden

Er lijkt meer aandacht te zijn voor geothermieprojecten, al blijft deze bron zeer uitdagend met lange aanlooptijden en veel onderzoek en vergunningswerk.

Het SCAN-project doet onderzoek naar de Nederlandse bodem op de plekken waar we niet genoeg weten om kansrijke locaties op voorhand in beeld te krijgen. De planning is om in 2023 de SCAN te hebben uitgevoerd en tot 2025 proefboringen uit te voeren.

Projecten met geothermie

Een aantal energiecoöperaties zijn bezig met geothermie.

  • Berkum Energie Neutraal (BEN) onderzoekt de mogelijkheden voor een geothermiebron. Deze wijk in Zwolle ligt op een gunstige plek omdat er relatief ondiep, op 650 meter diepte, een waterhoudende laag ligt.
     
  • Zeeuwwind werkt aan een project in Zierikzee in de wijk Malta. Uit een verkennend onderzoek blijkt dat hier een kleine kans is op een goede bron.
     
  • Ook Warm in de Wijk in de Vruchtenbuurt in Den Haag zoekt, sinds de TEO-bron (warmte uit oppervlaktewater) ongeschikt is gebleken, door naar een nieuwe bron. Mogelijk kunnen zij gebruik maken van de warmte die overblijft in de retourleiding van Haagse Aardwarmte Leyweg (HAL).
     
  • Hernieuwbare Warmte Ypenburg (ook een wijk in Den Haag) en het Traais Energie Collectief in het Brabantse Terheijden hebben een opsporingsvergunning gekregen. Beide initiatieven mogen proefboringen doen om de geschiktheid van de locatie te testen.

Projecten met warmte uit oppervlaktewater (TEO): Soest en Leiden

Sinds vorig jaar wekt De Soester Energiecoöperatie in de wijk Overhees warmte op uit een stilstaande vijver en verwarmt hiermee de kinderboerderij. De proefopstelling werd in 2022 geplaatst en lijkt het beter te doen dan verwacht.

De temperatuur van de warmte uit de vijver wordt verhoogd met een elektrische warmtepomp en via de bestaande radiatoren in de kinderboerderij afgegeven.

Haalbaarheidsstudie

Uit de eerste haalbaarheidsstudie was berekend dat de vier vijvers gezamenlijk zo'n 120 woningen konden verwarmen. Uit de resultaten van de proefopstelling lijkt er mogelijk voldoende energie te zijn voor 1100 woningen, dit wordt nu verder onderzocht. Een kanttekening is dat dan mogelijk wel een Warmte Koude Opslag (WKO) nodig is, om de warmte in de winter op te kunnen slaan. 

Vlietpoort Leiden

Uit een haalbaarheidsstudie die de wijkvereniging van Vlietpoort in Leiden heeft laten uitvoeren, bleek dat de temperatuur van het kanaal de Vliet te koud is om als enige bron te gebruiken. Een WKO kan uitkomst bieden, maar dit is niet rendabel omdat deze jonge wijk een relatief laag gasverbruik heeft. De kosten zouden dan hoger uitvallen dan de huidige situatie. Alternatieven worden nu onderzocht.

Knelpunten & financiering

De warmtetransitie is een uitdagende opgave. In het hoofdstuk Knelpunten lees je waar warmte-initiatieven tegenaan lopen. Bijvoorbeeld dat de ondersteuningsstructuur in kennis nog wordt opgebouwd. 

Zie het hoofdstuk Financieel, voor info over de financiering van collectieve warmteprojecten.

Vorige hoofdstuk

< 2. Energiebesparing

Volgende hoofdstuk 

4. Zon > 

De Lokale Energie Monitor 2023 is een uitgave van klimaatstichting HIER, met medewerking
van Energie Samen

Op de hoogte blijven?

Ontvang tips, artikelen, nieuws en meer! Geef hieronder aan welk thema je voorkeur heeft.

Lees voor meer informatie ons privacybeleid
Lijsten