Zachte winters en warme zomers. Het klimaat in Nederland wordt steeds beter voor allemaal beestjes die hier voorheen niet (goed) konden overleven. Jammer genoeg hebben we het dan niet over heel aaibare diertjes. We zetten er vier op een rij en geven advies over wat je tegen dit ongedierte kunt doen.

Processierupsen

De eikenprocessierups kennen we inmiddels maar al te goed. Op dit moment komen ze weer uit hun eitjes en in mei hebben we dan weer last van deze wollige beestjes. Het zijn de rupsen van een mot, een nachtvlinder dus, die veel overlast veroorzaken doordat de brandharen enorm jeuken als ze op je huid terecht komen. Van die brandharen heeft elke rups er zo’n 750.000!

De rups komt al dertig jaar in Nederland voor, maar de aantallen zijn enorm toegenomen de laatste jaren, met vorig jaar een grote piek. En dan rukt zijn broertje - de dennenprocessierups – nu ook op naar het noorden. Vorig jaar is ‘ie al in België gezien. Hij is vergelijkbaar met de eikenprocessierups, maar zit – je raadt t al – op dennenbomen. En hij wint het van de eikenprocessierups in aantal brandhaartjes: één miljoen per rups.

De bestrijding van processierupsen kun je het beste aan professionals overlaten, want zelf aan de gang gaan kan je duur komen te staan. Je kunt het melden bij je gemeente en als ze in je eigen tuin zitten een gespecialiseerd bedrijf inhuren. Toch jeuk? Brandhaartjes kun je het beste met tape van je huid verwijderen.

Foto van golven in de zee

Het klimaatprobleem voor dummies: de gevolgen

Lees meer

Mediterraan draaigatje

Hoe grappig z’n naam ook, het mediterrane draaigatje is een mier met kolonies die meer dan 100 meter lang kunnen worden. Ze zijn niet groter dan onze ‘gewone’ mieren, maar bijten en zijn niet zo makkelijk te bestrijden. We slepen deze mieren met bijvoorbeeld olijfbomen deze kant op en door klimaatverandering is de temperatuur hier nu geschikt voor hen om te overleven.

Draaigatjes kun je niet heel makkelijk herkennen, maar als je een megakolonie kleine zwarte bijtende mieren hebt die je niet weg krijgt, dan kun je dat melden bij het Kennis- en adviescentrum Dierplagen.

Tijgermug

De tijgermug is anders dan je misschien zou denken een klein mugje, maar hij steekt overdag en kan ook nog eens ziektes zoals dengue overbrengen. Dit mugje leeft al in Zuid-Frankrijk en we rijden ‘m hiernaartoe met bijvoorbeeld onze autobanden als we op vakantie gaan. Om het verhaal nog wat vrolijker te maken: de gewone mug kan in toekomst ook ziektes zoals nijlkoorts overbrengen.

Aan de tijgermug kun je zelf het meeste doen. Yes! Omdat ze ook overdag steken, is een hor voor je raam of klamboe niet afdoende. Ze ontwikkelen zich in stilstaand water net als andere muggen. Dus alle bakjes, schotels, emmers, maar ook waterplassen op je tuinhoezen buiten minstens één keer in de twee weken goed legen. Regentonnen zijn ook een broedplaats. Meestal is het lastig om deze goed te legen. In plaats daarvan kun je zorgen dat je het water in de ton mugdicht afsluit, bijvoorbeeld met horrengaas.

Close up van een mug

Hoe klimaatverandering ziektes in de hand werkt

Lees meer

Terrorteek

Alsof we al niet genoeg last hebben van onze eigen ‘gewone’ teek, rukt ook de Hyalomma-teek of ‘reuzenteek’ op naar het noorden. Hij is drie tot vijf keer zo groot als een gewone teek en loopt veel sneller omdat hij jaagt in plaats van wacht. Hij komt gelukkig nog niet veel voor in ons land.

Wat betreft teken blijft het devies altijd jezelf goed controleren als je in het bos bent geweest, maar ook als je bijvoorbeeld in de tuin hebt gewerkt.

Helaas kunnen we al deze plaagdieren niet meer tegenhouden, maar om erger te voorkomen zullen we het klimaat zo min mogelijk moeten laten opwarmen.