Abonneer op de nieuwsbrief

Klimaatbibliotheek

Teerzanden: ontginning onverenigbaar met klimaatdoelen

Teerzanden zijn een mengsel van bitumen, het meest stroperige bestanddeel van aardolie, dat zich bij kamertemperatuur als vaste stof gedraagt, en zand of klei. De teerzanden worden gezien als niet-conventionele oliebronnen en in die zin door de olie-industrie onderscheiden van velden met vloeibare aardolie, die zich meestal in zandsteenpakketten bevinden.

De bitumen kunnen in principe worden geraffineerd, waarbij ze eerst met grote hoeveelheden stoom worden gesmolten tot een vloeibare olie. Milieuorganisaties beschouwen deze oliewinning echter als uiterst onwenselijk, om de volgende redenen:

  • Ontginning en raffinage zijn inefficiënt, waardoor olie uit teerzanden relatief duur is. Het geld dat (door de olie-industrie) in de ontwikkeling van de benodigde infrastructuur wordt geïnvesteerd, had ook kunnen worden geïnvesteerd in de ontwikkeling van duurzame energie.
  • Het organische keuzemoment, Peak Oil, om over te stappen van fossiele brandstoffen naar duurzame alternatieven wordt met teerzanden opgerekt. Met name emissiereducties voor de transportsector worden onhaalbaar bij een groter aandeel van teerzanden in de mondiale olieproductie. Uitstel van het keuzemoment hindert bovendien de grootschalige invoer van de elektrische auto.
  • Milieuverontreiniging. Bij de winning en raffinage van teerzanden komen naast broeikasgassen op grote schaal milieuverontreinigende stoffen vrij, zoals waterstofsulfide.
  • Landschappelijke vernietiging. Winning van teerzanden geschiedt in dagbouw en gaat gepaard met grootschalige afgraving van het landschap. In de Canadese teerzandgebieden zorgt dit onder andere voor ontbossing, en, door hydrologische aanpassingen, voor grootschalige verdroging van de taiga en oxidatie van de organische bodems, waarbij eveneens extra CO2 vrijkomt.
  • Relatief hoge industriële CO2-uitstoot. Ontginning van de teerzanden is erg energie-intensief, omdat de grondstof niet door pijpleidingen kan worden vervoerd en de raffinage bij hoge temperaturen plaatsvindt, waarbij bovendien een grote onbruikbare fractie ontstaat. Ook tijdens dit proces komt relatief veel CO2 vrij.
  • Relatief hoge intrinsieke CO2-uitstoot. Bitumen bevatten een hoger aandeel koolstof (en een lager aandeel waterstof) dan conventionele aardolie en stoten daardoor bij verbranding, per energie-eenheid, meer CO2 uit.

Kolen in plaats van gas, teer in plaats van olie?
Het belang van het laatste argument, het hoge koolstofgehalte van teerzanden, wordt onderstreept door een andere verschuiving in de consumptie van fossiele brandstoffen: de herwaardering van steenkool, waarbij wereldwijd een steeds groter aandeel van de elektriciteit wordt opgewekt met behulp van steenkool, in plaats van het steeds duurder en schaarser wordende aardgas. Steenkool bevat eveneens een hoger aandeel koolstof (en een lager aandeel waterstof) waardoor het bij verbranding aanzienlijk meer CO2 uitstoot. De verschuiving naar steenkool is verantwoordelijk voor ongeveer de gehele stijging in de mondiale CO2-uitstoot sinds het einde van de jaren ’90.

Aanvullende cijfers met betrekking tot teerzanden:
  • 's Werelds grootste voorraden teerzanden bevinden zich in Canada. De drie belangrijkste velden, in het noorden van Alberta, beslaan een oppervlak van 140.000 vierkante kilometer (3,5 keer Nederland) en bevatten en bewezen reserve van 1,75 biljoen vaten bitumen, waarvan rond de huidige olieprijs ongeveer een tiende commercieel winbaar is.
  • Naar schatting bezit Canada 85 procent van alle teerzanden. Ook Venezuele, Rusland, het Midden-Oosten, Congo en de VS herbergen voorkomens van teerzanden.
  • In 2006 waren in Canada al 81 ontginningsprojecten operationeel, met een totale productie van 1,25 miljoen vaten per dag.
  • Canada levert zo'n 20 procent van de jaarlijkse olieimport van de VS.
  • De Canadese CO2-uitstoot is sinds 1990, het basisjaar van het Kyoto-protocol, inmiddels met 25 procent gestegen, terwijl deze conform de emissiedoelstelling met 6 procent zou moeten dalen.
  • De jaarlijkse CO2-uitstoot als direct gevolg van de Canadese ontginning en raffinage van teerzanden bedraagt 40 megaton en vormt de belangrijkste oorzaak van de snelle stijging van de totale Canadese uitstoot. Desondanks heeft de Canadese overheid plannen om de productie te verhogen tot een directe uitstoot van 400 megaton in 2050.
  • De productie van één vat olie uit teerzanden veroorzaakt momenteel een uitstoot van 75 kilo CO2.

Ontginning2-uitstoot />

De ontginning van teerzanden is inmiddels in volle gang. Het is een belangrijke reden dat de Canadese uitstoot met 25 procent is gestegen, terwijl het land onder het Kyoto-protocol een daling van 6 procent had beloofd. Grootschalige vernietiging van het landschap en de boreale bossen vormen binnen Canada een belangrijke versterking van de kritiek.

Twitter

HIER brochure

HIER werkt aan de oplossing van het klimaatprobleem. We werken daarin samen met bedrijven, de samenleving en jou!

HIER is

  • een initiatief van ruim 30 maatschappelijke organisaties.

    lees verder

    Bekijk ons filmpje