Klimaatbibliotheek
- Adaptatie: aanpassing aan klimaatverandering
- Al Gore: van bijna president tot klimaatambassadeur
- Albedo: ijssmelt versterkt opwarming
- An Inconvenient Truth: een ongemakkelijke waarheid
- Avoided deforestation: voorkomen beter dan genezen
- Biobrandstoffen: natuur of milieu?
- Biodiversiteit: ongekend waardevol
- Biomassa: eigenlijk kun je overal energie uit halen
- Broeikaseffect: de deken wordt steeds dikker
- Broeikasgassen: de basis zit in de lucht
- CCS: zelfs steenkool kan schoon
- CDM: een schone ontwikkeling
- Koolstofdioxide (CO2): drie minuscule atomen veranderen de hele aarde
- CO2-compensatie: de tweede stap
- CO2-concentratie: de kritische grens
- CO2-opslag: er is een weg terug
- CO2-reductie: de eerste stap
- CO2-emissie (CO2-uitstoot)
- Duurzame energie: schoon en onuitputtelijk
- Ecologische voetafdruk: de aarde is te klein
- El Nino: komt het kindje met kerst?
- Elektrische auto: wanneer stappen we over?
- Emissiehandel: kosten en rechten
- Energiebesparing: klimaat en portemonnee
- Extreem weer: de uitersten zijn het belangrijkst
- Fossiele brandstoffen: graven naar problemen
- Gashydraten: dooi versterkt broeikaseffect?
- Geo-engineering: de moed der wanhoop?
- Aardwarmte: warm water zorgt voor afkoeling
- Gevolgen klimaatverandering: schade per graad
- Groene stroom
- Herbebossing (bosaanplant)
- IJsbeer: zal de klimaaticoon uitsterven?
- Groenland (smelt -)
- IPCC: de boodschap is helder
- Kernfusie: toekomstmuziek
- Klimaat: gemiddelden en verschillen
- Klimaatafkortingen: van AAO tot WUR
- Klimaatbuffer: met grote sponzen hoef je nooit te dweilen
- Klimaatgids: Klimaatverandering van A t/m Z
- Klimaatneutraal: een levensstijl
- Klimaattermen: aanvullend klimaatwoordenboek
- Klimaattop Kopenhagen: de grote finale van de aarde
- Klimaatverandering: oorzaken en gevolgen
- Klimaatverdrag: aanpak van een internationaal probleem
- Klimaatvluchtelingen: honderden miljoenen worden direct getroffen
- Klimaatwet: concreet en krachtig
- Koolstofkringloop: de natuurlijke klimaatbuffer van de aarde
- Kyoto-protocol: nipt, te weinig, maar een goed begin?
- Lachgas (N2O): no laughing matter
- Live Earth Alert: de maatschappij laat zich steeds meer horen
- Methaan (CH4): brandstofverspilling versterkt broeikaseffect
- Mitigatie: de kraan dichtdraaien
- Ontbossing: zowel een oorzaak als een gevolg
- Orkanen: het verband lijkt simpel
- Overstromingen: risico neemt toe door zeespiegelstijging, neerslag, ontbossing en orkanen
- Peak Oil: ver voor de laatste druppel
- Terugkoppelingen: klimaatverandering versnelt zichzelf
- Sequestratie: in beslag nemen en in bewaring stellen
- Antarctica: ook op de Zuidpool is de smelt begonnen
- Noordpool (smelt -)
- Steenkool: onuitputtelijke bron van CO2
- Teerzanden: ontginning onverenigbaar met klimaatdoelen
- Temperatuurstijging: meer dan opwarming alleen
- Verwoestijning: zand, stof en kale rotsen rukken op
- Verzuring oceanen: CO2 veroorzaakt nog meer dan klimaatverandering
- Golfstroom (warme -)
- Waterstof: geen energiebron, maar energiedrager
- Windenergie: traditie heeft toekomst
- Zeespiegelstijging: water zet uit en gletsjers stromen leeg
- Zonne-energie: meest logische energiebron
Biobrandstoffen: natuur of milieu?
Vrijwel alle auto's en vrachtwagens rijden op benzine of diesel (aardolie), of eventueel LPG (aardgas). Dat zijn zogenaamde fossiele brandstoffen. In principe is dat niet noodzakelijk. Met enige aanpassingen kunnen de meeste auto's ook rijden op mengsels van speciale plantaardige oliën (zoals biodiesel) of bijvoorbeeld op ethanol (alcohol), zogeheten biobrandstoffen.
Biobrandstoffen kunnen in principe worden gemaakt uit vrijwel alle biomassa. Op dit moment wordt voor de productie gebruik gemaakt van speciale energiegewassen, zoals bijvoorbeeld koolzaad, maïs of suikerriet. Biobrandstoffen zijn (theoretisch) een vorm van duurzame energie:
Ten eerste raken ze nooit op. Energiegewassen kunnen steeds opnieuws worden geplant. Bovendien kunnen biobrandstoffen deels regionaal worden geproduceerd.
Daarnaast zijn biobrandstoffen relatief schoon: ze dragen minder bij aan het broeikaseffect. Bij de verbranding wordt weliswaar CO2 uitgestoten, maar dat is precies evenveel als de CO2 die kort daarvoor uit de atmosfeer is onttrokken door de energiegewassen. Planten hebben immers CO2 nodig om te groeien. De winst is echter lang geen 100%, zeker niet bij koolzaad en maïs. Vaak gaat meer dan de helft van het rendement verloren door verbruik van fossiele brandstoffen bij de productie van biobrandstoffen. Daarbij valt te denken aan de benodigde kunstmest, het transport, het gebruik van landbouwmachines, enzovoorts.
Naar verwachting geldt dit probleem in veel mindere mate voor de zogeheten 'tweede generatie biobrandstoffen', met name houtachtige gewassen die groeien op verarmde grond. Mogelijk kan in de toekomst ook algenproductie (op zee) veel biomassa opleveren.
De huidige biobrandstoffen zijn ook op grond van andere criteria moeilijk duurzaam te noemen. Het grootschalig verbouwen van energiegewassen neemt zeer veel grond in beslag. Als alleen gebruik gemaakt zou worden van het bestaande landbouwareaal is het aannemelijk dat voedselprijzen zullen stijgen, omdat veel boeren dan zullen overstappen van bijvoorbeeld graan naar koolzaad. Als gevolg van de temperatuurstijging verwacht het UNDP, de ontwikkelingsorganisatie van de Verenigde Naties, juist verminderde landbouwopbrengsten in veel tropische gebieden. Dit zou leiden tot ondervoeding van 600 miljoen mensen. Concurrentie tussen de grootschalige productie van biobrandstoffen en voedsel lijkt dan onwenselijk.
Ook is het aannemelijk, als de vraag naar biobrandstoffen stijgt, dat de zoektocht naar nieuwe landbouwgronden leiden tot (verdere) ontbossing of andere ontginning van natuurgebieden. En dat kan weer zorgen voor een verdere afname van de mondiale biodiversiteit, die juist door klimaatverandering onder druk staat.
Wanneer de productie van biobrandstoffen ten koste gaat van ontbossing, is het proces bovendien niet langer klimaatneutraal. Ontbossing veroorzaakt 20 procent van de mondiale CO2-uitstoot.
Met andere woorden: we moeten zo snel mogelijk naar de tweede generatie biobrandstoffen, zodat de wereld kan beschikken over een nieuwe enegiebron die wél duurzaam is.






























