Klimaattermen: aanvullend klimaatwoordenboek

In dit klimaatwoordenboek een korte uitleg van enkele aanvullende klimaattermen, die geen eigen pagina in de klimaatgids hebben. Voor afgekorte klimaatterminologie zie klimaatafkortingen.

Annex I landen:
35 industrielanden: de rijke landen + de landen uit het voormalig Oostblok. Term heeft relevantie onder het internationale klimaatverdrag (ook Annex 1).
Annex II landen: De rijke landen uit de Annex I groep (ook wel Annex 2)
Annex B landen: De groep landen die in onder het Kyoto-protocol verplichtingen voor emissiereductie zijn aangegaan. Lijst is vrijwel identiek aan de groep Annex 1, met toevoeging van Kroatië, Slowakije, Slovenië, Liechtenstein en Monaco, maar zónder Turkije en Wit-Rusland.

Borrowing: Slap sanctievoorstel op het niet behalen van Kyoto-emissiedoelstellingen, voorgesteld door de VS. Betreft het 'lenen' van emissierechten uit de budgetperiode van een volgend klimaatverdrag. Leidt tot uitholling van het verdrag en vergroot de kans dat de uitstoot niet wordt gereduceerd.
Budgetperiode: Periode waarin de emissiedoelstelling moet worden bereikt. Voor het Kyoto-protocol van 2008 tot 2012.

Carbonsinks:
koolstofput, zie Sinks.

Flexibele mechanismen:
Drie mogelijkheden om emissierechten in het buitenland te verwerven. Onder Kyoto: emissiehandel, Joint Implementation (JI) en het Clean Development Mechanism (CDM). In het nieuwe klimaatverdrag komt wellicht een vierde mechisme ter voorkoming van ontbossing, zie avoided deforestation.

Hot Air: 'Gebakken lucht'. Het deel van de emissieverplichting dat een land sowieso zou halen, ongeacht beleid tot mitigatie. Belangrijkste voorbeelden zijn de emissiereductie van Rusland en de Oekraïne, die vrijwel volledig valt toe schrijven aan economische achteruitgang na de val van de Sovjet-Unie. Verkoop van de bijbehorende emissierechten via het systeem van emissiehandel levert geen winst op voor het klimaat (integendeel) en vormt een feitelijke ondermijning van het systeem.

Joint Implementation: De mogelijkheid om emissierechten te verwerven via concrete projecten in andere industrielanden. (Het CDM geldt alleen projecten in ontwikkelingslanden.)

Koolstof: Centrale element in de koolstofkringloop. Van groot belang bij de vorming van de belangrijkste broeikasgassen, CO2 en CH4 en bij de vorming Vaak verwarrend in relatie tot CO2, vooral wanneer koolstofmassa, danwel het gewicht van de gerelateerde CO2-uitstoot, bedoeld wordt. In het Engels wordt vaak de term carbon (koolstof) gebruikt wanneer carbondioxide (CO2) bedoeld wordt.
Koolstof-CO2-omrekeningsfactor: 1 ton koolstof = 3,67 ton CO2.

Leakage: Verplaatsing van de uitstoot. Zo kan het voorkomen van ontbossing op de ene plaats zorgen voor versterkte ontbossing elders, zeker bij gelijkblijvende vraag naar hout en landbouwgronden, onder andere ten behoeve van (eerste generatie) biobrandstoffen.
Loophole: Een zwakke plek in het klimaatverdrag, waar afspraken niet concreet zijn, of het heropenen van oude discussies mogelijk is, en landen mogelijk kans zien onder hun verplichtingen uit te komen. Bestaande loopholes, zoals hot air, hebben het vermogen de uiteindelijke emissiereductie flink te verlagen, waardoor het verdrag wordt 'uitgehold'.

Permanence:
De bestendigheid van koolstofopslag in de biosfeer. Afgesproken in het Kyoto-protocol moeten projecten voor herbebossing tenminste 100 jaar koolstof uit de atmosfeer houden.

Sinks: Plaatsen van netto CO2-opslag, zoals groeiende bossen en oceanen (via de 'biologische pomp': fytoplankton).

© www.hier.nu / Rolf Schuttenhelm
  • Klimaatgids

De HIER Klimaatcampagne

De HIER Klimaatcampagne is een initiatief van ruim 30 maatschappelijke organisaties die Nederland betrekken bij de oplossing van het klimaatprobleem.


banner klimaatstraatfeest 


Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte van nieuws en acties rondom de HIER Klimaatcampagne.